Loopblessures

Runners knee

Het kniegewricht is een gecompliceerd gewricht dat tijdens het sporten veel te verduren krijgt. Het bestaat uit een gewricht tussen het bovenbeen (femur) en het onderbeen (tibia) en een gewricht tussen het bovenbeen en de knieschijf ( patellofemoraal gewricht). De meest voorkomende blessures tijdens het hardlopen komen in het “patellofemorale complex” voor. Dit bestaat uit het patellofemorale gewricht, de quadriceps ( bovenbeenspier) en de patellapees ( kniepees).

De patella ( knieschijf) werkt als een hefboom tijdens het buigen en strekken van de knie. Zonder de patella kunnen de bovenbeenspieren ongeveer 40% minder kracht leveren. Tijdens het hardlopen worden de gewrichtsvlakken en pezen van het patellofemorale complex veel meer belast dan tijdens het staan en wandelen. Tijdens het hardlopen en andere sportactiviteiten moeten de pezen soms het tienvoudige van het lichaamsgewicht opvangen. Bepaalde factoren kunnen tijdens het hardlopen ervoor zorgen dat de patella tijdens het buigen en strekken van de knie niet meer ideaal beweegt ( malalignement patellae). Daarbij kunnen delen van het kraakbeen van de patella of van het bovenbeen te veel of te weinig belast worden. Dit kan in pijnklachten resulteren, meestal aan de binnenzijde van de patella. Het malalignement patellae kan ook voor overbelasting van peesstructuren zorgen zoals de patellapees. De aanhechting van de patellapees aan de onderzijde van de patella geeft daarbij de meeste klachten.

Symptomen

De klachten bij een runner’s knee bestaan uit pijn aan de binnenzijde en/ of aan de onderkant van de patella. De pijnklachten worden niet alleen maar tijdens het hardlopen gevoeld maar vaak ook tijdens lang zitten en traplopen. De pijn is vaak achter de knieschijf gelokaliseerd. Bij veel pijn heeft men soms het gevoel door de knie te zakken. Er kan sprake zijn van vocht en een crepiterend ( krakend) gevoel in het kniegewricht.

Oorzaken

Oorzakelijke factoren die voor een malalignement patellae kunnen zorgen zijn:

  • Bredere heupen ( vaker bij vrouwen dan bij mannen)
  • X- benen
  • Subluxerende patella ( te mobiele knieschijf)
  • Patella alta ( hoog liggende patella)
  • Zwakke m. vastus medialis ( deel van de m. quadriceps)
  • Zwakke m. quadriceps
  • Overmatig naar binnen kantelen van de voet
  • Zwakke rompstabiliteit

Andere oorzaken die het ontstaan van de runner’s knee kunnen veroorzaken

  • Te snelle trainingsopbouw
  • Te hoge trainingsfrequentie
  • Te lange duur
  • Schoeisel met te veel of te weinig schokdemping
  • Wisseling van parcours ( bosgrond naar asfalt/weg)

Therapie

Voor het toepassen van adequate therapie dient men eerst de oorzaak van de klachten goed in kaart te brengen. In eerste instantie is vermindering van de trainingsbelasting nodig om het patellofemoraal complex niet verder te overbelasten. Goede resultaten worden bereikt met een specifiek actief oefenprogramma voor de bovenbeenmusculatuur, rekoefeningen voor de voor- en achterzijde van het bovenbeen, stabiliteitstraining van het bovenbeen en de romp en oefentherapie met Mc Connelltape. Bij overpronatie van de voet is het aan te raden om adequaat schoeisel met of zonder supplementen aan te schaffen.

Preventie

Een verantwoorde opbouw van de looptraining is essentieel. Hierbij dient rekening te worden gehouden met de loopfrequentie, snelheid en het oppervlak waarop gelopen wordt. Ook de keuze van het schoeisel is belangrijk ( zie preventie shin splints en tractus iliotibialis frictiesyndroom.